vrijdag 28 januari 2011

Paarden weerspiegelen je ziel

Machtig mooi vind ik de edele viervoeters. Op mijn wandeling vanmorgen trof ik naast de kleine Shetlander Jip ook het grote zwarte paard. En dat doet iets met je.
Iedere ochtend kijkt Jip even op van zijn bezigheden als mijn hond en ik langs wandelen. Als Jip losloopt en bij het hek kan, dan komt hij ook wel eens naar ons toe. Maar heus niet altijd. Shetlanders zijn eigenwijze donders en hoe koddig ze ook lijken, ze kunnen het je behoorlijk moeilijk maken. Vandaag valt Jip niet eens zo op. Wel de drie witte kalkoenen die binnenkort weer gekortwiekt moeten, want ze zitten weer op het staldak. De zwarte (en zware) mannetjeskalkoen kijkt vanaf beneden toe. Wel grappig zoals de natuur die vrouwtjes redt van die toch behoorlijk hanige kalkoen. ‘Lang leve de zwaartekracht!’ zullen ze denken, die gevleugelde dames. Ik neem een kort rondje en loop langs het geitenweitje en de paardenbak. In die paardenbak staat een groot zwart paard. Het paard heeft iets aandoenlijks. In zijn wintervacht en toch vrij knokig staat het daar. Helemaal alleen. Een beetje troosteloos lijkt het. Je moet gewoon stoppen en alsof vanzelf begin ik te praten tegen het eenzame dier. Bedenk me dat ik laatst een vriendin hoorde vertellen dat zij veel over paarden had geleerd van de geweldige en wijze man Jan Vaessen. Zo zouden paarden je ziel weerspiegelen. En ja, dat geloof ik zeker. Zelf heb ik jaren een paard gehad en ik ken de enorme warmte en kracht die zo’n dier uitstraalt. Het is ook niet voor niets dat de meest ondeugende en ongetemde (manege)paarden zo lief en mak als een lammetje zijn zodra ze kleine kinderen of mensen met bijvoorbeeld een verstandelijk handicap op hun rug dragen. Paarden zijn dus bijzonder. En dit zwarte paard zeker. Ik blijf staan en het paard ook. Als ik begin te praten, blijft het nog even staan kijken alsof ze het niet hoort, maar dan zet het majestueuze dier zich in beweging. En hoe moeilijk dat ook gaat -de aarde van de bak is namelijk keihard bevroren en heeft meer bobbels en gaten dan een pukkelpiste- het dier komt naar me toe. Eerst met uitgestoken hals, en later staan we daar samen even heel close te kroelen. Het paardenhoofd schuift onder mijn arm en gaat zo heel dicht tegen me aan op en neer. Een ja-beweging. En ja, het klopt het is fijn. Ik heb het goed. Het paard heeft het goed gezien en ons gevoel is helemaal in sync. Wow.