Vandaag heb ik een vliegende wandeling. Of nou ja, ik let op alles wat over me heen vliegt. En geniet van ons oude hondje dat zo af en toe de kolder in de kop heeft en er achteraan vliegt.Het is steenkoud, heeft gevroren en de vetbolletjes hangen dus weer in de tuin, het wintervoer staat klaar en alles wat vliegt doet onze tuin weer enthousiast aan. Van een roodbonte specht tot een eksterpaar en tortelende duifjes. Een heel legioen mussen of van die koddige staartmezen; je ziet het allemaal als je heerlijk vanuit huis naar buiten kijkt. Buiten is het anders. Vandaag geen zwarte kraai op de lantaarnpaal waar je dan niet onderdoor moet lopen. Misschien heeft die kraai zich wel bij de anderen gevoegd. Ergens in de verte neem ik namelijk gigantische zwermen grote zwarte vogels waar. Zij golven de lucht zwart. Verdwijnen dan ineens. Op mijn tenen zie ik dat ze met z’n allen, het moeten er echt honderden zijn, heel laag over een veld vliegen of hoppen. Vreemd. Met deze vorst zaait er toch geen boer in? Of zou het land pas bemest zijn? Ik blijf me verwonderen over de vogelchoreografie daar in de verte. Dichterbij zie ik, aangekomen bij de kano op- en afstapplaats voor het Rondje Boxtel aan de Dommel, twee zwanen waggelend boven op de steile oever. Wat zijn dat dan ineens rare beesten. Normaal zie je ze haast koninklijk door het water ‘varen’. Maar lopend... nee, dat is echt geen gezicht. De zwanen zien ons ook en ze wagen de sprong in het diepe. En wat een landing! Wow, geweldig zoals dat in het water glijdt, bijna een KLM-commercial waard. Mijn hond ziet alles en begint te rennen en te blaffen bij al dat vertoon. Een reiger schrikt op en vliegt weg, twee eenden maken lawaai in hun vlucht en ik sta te genieten als ook nog een grote sperwer overvliegt. Soms is met je hoofd in de wolken lopen helemaal niet erg…
Dit is niet wat het lijkt. Omdat niets is wat het lijkt. Het is wat het is. En anders niet. Of toch wel?
maandag 31 januari 2011
Vliegend Liempde, met je hoofd in de wolken
vrijdag 28 januari 2011
Paarden weerspiegelen je ziel
Machtig mooi vind ik de edele viervoeters. Op mijn wandeling vanmorgen trof ik naast de kleine Shetlander Jip ook het grote zwarte paard. En dat doet iets met je.Iedere ochtend kijkt Jip even op van zijn bezigheden als mijn hond en ik langs wandelen. Als Jip losloopt en bij het hek kan, dan komt hij ook wel eens naar ons toe. Maar heus niet altijd. Shetlanders zijn eigenwijze donders en hoe koddig ze ook lijken, ze kunnen het je behoorlijk moeilijk maken. Vandaag valt Jip niet eens zo op. Wel de drie witte kalkoenen die binnenkort weer gekortwiekt moeten, want ze zitten weer op het staldak. De zwarte (en zware) mannetjeskalkoen kijkt vanaf beneden toe. Wel grappig zoals de natuur die vrouwtjes redt van die toch behoorlijk hanige kalkoen. ‘Lang leve de zwaartekracht!’ zullen ze denken, die gevleugelde dames. Ik neem een kort rondje en loop langs het geitenweitje en de paardenbak. In die paardenbak staat een groot zwart paard. Het paard heeft iets aandoenlijks. In zijn wintervacht en toch vrij knokig staat het daar. Helemaal alleen. Een beetje troosteloos lijkt het. Je moet gewoon stoppen en alsof vanzelf begin ik te praten tegen het eenzame dier. Bedenk me dat ik laatst een vriendin hoorde vertellen dat zij veel over paarden had geleerd van de geweldige en wijze man Jan Vaessen. Zo zouden paarden je ziel weerspiegelen. En ja, dat geloof ik zeker. Zelf heb ik jaren een paard gehad en ik ken de enorme warmte en kracht die zo’n dier uitstraalt. Het is ook niet voor niets dat de meest ondeugende en ongetemde (manege)paarden zo lief en mak als een lammetje zijn zodra ze kleine kinderen of mensen met bijvoorbeeld een verstandelijk handicap op hun rug dragen. Paarden zijn dus bijzonder. En dit zwarte paard zeker. Ik blijf staan en het paard ook. Als ik begin te praten, blijft het nog even staan kijken alsof ze het niet hoort, maar dan zet het majestueuze dier zich in beweging. En hoe moeilijk dat ook gaat -de aarde van de bak is namelijk keihard bevroren en heeft meer bobbels en gaten dan een pukkelpiste- het dier komt naar me toe. Eerst met uitgestoken hals, en later staan we daar samen even heel close te kroelen. Het paardenhoofd schuift onder mijn arm en gaat zo heel dicht tegen me aan op en neer. Een ja-beweging. En ja, het klopt het is fijn. Ik heb het goed. Het paard heeft het goed gezien en ons gevoel is helemaal in sync. Wow.
donderdag 27 januari 2011
Liempde aan zee
Een wandeling vol chauvinisme. Liempds chauvinisme welteverstaan. Geen Boxtel en geen Nederland, nee ‘This is Liempde man!’Aan de rand van een dorp wonen geeft niet zoveel connectie met de bevolking en het plaatselijke gebeuren. Zou je denken? Niets is minder waar. Wonend in zowat het eerste huis aan een van de belangrijkste Liempdse entrees, ervaar ik dat toch anders. De wandeling die ik iedere ochtend met mijn hond Jules maak, trekt door het Liempds landschap. Deze keer gaan we naar ‘het mosselstrandje’. Gelegen aan een grote plas en omringd door een glibberig paadje, weilanden en wat bosschages. Het is een geliefd plekje voor talloze vogels en je ziet eenden, ganzen, meerkoetjes, zwanen. Langs molshopen en konijnenkeutels kun je er zelfs patrijzen, fazanten en reeën aantreffen. En roofvogels.
Zoetwatermosselen. De eerste keer dat ik het waarnam dacht dat mensen mosselen hadden gegeten langs de waterkant en niet hadden opgeruimd. Totdat ik de levende mosselen in het water zag. Vogels hadden de schelpen achtergelaten! Goh. Ik had direct een associatie met de zee; ons eigen mosselstrandje in Liempde! Geloof niet dat iemand in Liempde er van gehoord heeft. Misschien moet ik het niet delen. Hoewel ik trots ben op al het mooie uit Liempde. De typische knotwilgen, het Duitse lijntje, en de prachtige dorpskern die iets authentieks uitstraalt dat nog steeds bij het pure karakter van de Liempdenaar past.Populieren, dus klompen. We hebben zelfs de beste klompenmaker van Nederland. Samen met zijn vrouw bestiert hij de op ambachtelijke wijze geproduceerde klompenhandel die tot over ‘s landsgrenzen rijkt. En dan, en dan… heb ik het nog niet over het Liempdse goud gehad. Onze asperges! Voortaan rijdt u niet helemaal naar Limburg, maar haalt u uw eersteklas asperges gewoon in Liempde. Net zoals de worstenbroodjes die ook al sinds jaar en dag tot de beste van het land behoren. Al lopend bedenk ik me dat Liempde een plaats is waar ik van hou. En dat komt niet eens door de prachtige natuur of de mooie initiatieven. Het komt door de mensen en hun gemeenschapszin. Wij groeten elkaar. Wij kennen elkaar of maken kennis. Wij zorgen voor elkaar en wij kunnen feesten als geen ander. We hebben een verbinding omdat we uit Liempde komen. Met z’n 4.844-en doen we iedere dag ons best om het fijn te hebben met elkaar. En dat lukt aardig moet ik zeggen.
woensdag 26 januari 2011
De vergeten wandeling
Werd vanmorgen niet wakker van de wekker. Of nou ja, van een andere dan gebruikelijke, een wekster; onze dochter. Ik had me wat verslapen. En dan, dan loopt alles anders. Ook de ochtendwandeling.Ik heb de ochtendwandeling met de hond wel gemaakt, maar niet bewust. Kan me er eigenlijk niet zoveel meer van herinneren. Hoewel ik nog wel een foto heb gemaakt. Omdat het vrieskoud was en de opkomende zon tussen de wolken weer een prachtig landschappelijk beeld schetste. En eigenlijk is dat beeld voldoende voor vandaag bedenk ik me. Omdat soms beelden meer zeggen dan woorden.
dinsdag 25 januari 2011
Een spaarzame opklaring? Me reet!
Wat kun je in hemelsnaam nog van een dag maken waarvan je op de radio hoort dat er vanmiddag misschien “een spaarzame opklaring” zal plaatsvinden? Nou, ik vind zoiets echt: vette stront.Mijn humeur is nu al weg. Ja, natuurlijk heb ik wat met woorden. Zeg nou zelf, zo’n negatieve associatie met het woord spaarzaam heb je toch nog nooit gehoord? Dat is toch van de zotte? Pfff zeker Skyradio. Een beetje populair het weer willen brengen. Als tekstschrijver snap ik best dat het niet meevalt iedere dag zulk kloteweer te moeten verkondigen. Maar op deze manier… Grow up! Of Glow up en volg een lichttherapie daar in die donkere radio. ‘Rustig, rustig nou’, vermaan ik mezelf en gehuld in mijn regenjas treed ik de natte wereld tegemoet. Buurman en Lucca zijn op de terugweg en, alsof het radiomannetje de trend heeft gezet, roept hij me toe: “ Het is kliederweer, je wordt kleddernat”. En bedankt. Liep ik gister nog in een hemelse massagesalon, vandaag zijn ze inderdaad wat te uitbundig. Het kan net nog geen regenen heten, maar miezer is ook een te licht woord. En die massage…ja is zo ook niet voelbaar. De druppeltjes zitten te dicht op elkaar. Het lijkt wel alsof je onder zo’n verstuivingsdouche staat. Zouden er eigenlijk verschillende gradaties van miezer zijn? Of van regen? Vandaag zou ik de miezer met een dikke vier classificeren. Terwijl ik de miezer van gister, toch zeker met een aangename eerste klasse zou kwalificeren. Grappig hoe het water op de hond blijft liggen en ik in plaats van een zwarte hond nu een grijze hond naast me heb. De wind is trouwens ook kouder dan gister. Dat doet de miezerkwaliteit ook geen goed natuurlijk. Hoe meer ik erover nadenk hoe interessanter het wordt. Mijn gedachten hoppen van radiostation naar weerstation naar een miezerstation en kom zo weer uit bij Skyradio. Ze hebben zichzelf notabene naar de lucht vernoemd. Mogen ze het weer wat in uit en door de lucht gaat ook best fatsoenlijk verslaan, toch? O jee...Excuses waarde lezers, ik blijf malen en over het weer schrijven. Geloof dat ik (en u) voor even een andere zender moet zoeken wil het nog leuk worden vandaag.
maandag 24 januari 2011
“HIER, godverdomme, doe normaal”
Niets is wereldser of verrassender dan een wandeling in de vroege ochtend. Over een stilstaande file, twee mannen en het verband.Het is grijs. En het miezert. Maar mijn stemming ziet geen miezer omdat mijn huid de minuscule frisse druppeltjes als een wellness ervaart. Zo’n massage van kleine regendruppeltjes kan alleen de natuur je geven. Zomaar helemaal voor niets. Mijn huid reageert kwiek en voordat ik het weet loop ik breed te glimlachen. Rinus fietst voorbij en groet heel persoonlijk door “Goedemorgen Nadja” te roepen. Ik groet terug. Wat een weldaad. Massage, persoonlijke aandacht, gekker moet het niet worden op maandagochtend. En toch..naast mijn (wandel)pad loopt de A2. Het staat stil. Naar allebei de kanten. Ik zie de vrachtwagens boven het talud uitsteken. Melkunie, Vion, isolatiebedrijven, je kunt het zo gek niet opnoemen of het staat stil. De hele wereld in a nutshell. Iedereen wil door, maar staat stil. Behalve ik, ik loop in mijn eigen tempo en eigen tijd gewoon hier lekker van een massage te genieten. Iedere stap maakt me rijker. Wat een vrijheid en wat een geluk dat ik kan kiezen hoe ik mijn tijd indeel. Aangekomen bij de grote plas water (De Vorsenpoel) waar ik een rondje maak, gaan we eerst even kwispel Billy gedag zeggen en lopen we door. Dan komt een tegenligger met boxer ons tegemoet. De man schijnt wat te brommen naar de Boxer en als we bijna passeren gaat die Boxer rechtop luid agressief blaffend tegen ons tekeer. De man blaft zijn hond toe: “HIER, Godverdomme, DOE NORMAAL!” waarna hij me beleefd, als was hij een ander, gedag zegt. Goh, zowel mijn hond als ik zijn er beduusd van. Was dat nou een overload van mannelijk vertoon? Ja, laten we ook dat maar zo positief mogelijk uitleggen en ons bedenken dat het ons ook aan mannelijke aandacht deze ochtend niet ontbrak. Niets kan mijn stemming kapot krijgen. Ik wandel heerlijk door en als ik op de terugweg even stil sta omdat mijn hond het maïsveld aan het ontdekken is, komt Rinus me weer tegemoet: “Ge bent nie wijd gekomme” is zijn fietsende conclusie.
vrijdag 21 januari 2011
Billy of een andere Jack?
De wereld van het wandelen is anders. Je bent anders en je ontmoet mensen in een andere hoedanigheid. Misschien wel in hun beste hoedanigheid. Het leuke is dat je een soort van band met ze opbouwt en met hun honden ook natuurlijk. Zoals ook met Billy, de jack russel.Een uur later dan normaal. Het is al licht en ik wil het uur inhalen door de wandeling te halveren. Daarbij heeft onze hond zichzelf toch al uitgelaten in de tuin, dus de echte noodzaak is weg. In het begin loop ik gehaast en een beetje balend dat ik dat uur niet eerder ben opgestaan. Allerlei excuses vliegen door mijn hoofd en ik ‘onderhandel’ met mezelf. Ben zo in gedachten dat ik Billy ineens voor me zien staan. Terwijl het kleine dappere hondje toch zeker zo’n vijfhonderd meter heeft moeten afleggen om bij me te komen. Maar nu is hij er. Helemaal alleen naar ons toe gerend en warempel Jules wil even spelen met het koddige, altijd vrolijke ding. Ze rennen en springen samen enthousiast rond. Dan zie ik een joggende jongedame op ons af komen. Maar Billies baasje is toch een heel andere mevrouw? Zou het Billy dan niet zijn, vraag ik me verbaasd af. De jongedame rent groetend door. Billy of een andere jack blijft enthousiast en op z’n Billies rennen en spelen. Hij heeft zelfs dat ene pootje dat hij zo af en toe stijf houdt. De joggende dame wordt kleiner en ik hoor in de verte: “Billy” roepen. Het zal de dochter van die aardige mevrouw zijn, ja Billy heeft natuurlijk ook zijn eigen gezin. Ik weet ondertussen trouwens ook waar Billy woont. Op een van onze wandelingen herkende ik Billies gekef vanachter een tuinafscheiding. En ja, helemaal blij en kwispelend zagen we toen Billy bij zijn eigen huis en tuin. Als we er voorbij lopen staat Billy gelijk paraat met een kwispel en blafje. Grappig hoor. Zoals alles aan Billy grappig is. Als je het kleine bruin witte hondje zou zien, verschijnt er ook bij jou een glimlach, zeker weten! De jack russel is zooo koddig en onschuldig lief dat je wel van hem moet houden. Ik vergeet mijn hele uur achterstand. Sterker nog, ik wuif mijn manende gedachten weg en wandel glimlachend door. Wat is een uur op een mensenleven nou helemaal? Op de terugweg komt Billy weer aansnellen en mijn lach wordt nog breder. Wat is een Billy jack russel toch ontzettend leuk!
donderdag 20 januari 2011
Maanwandeling
Het is volle maan. Althans, dat was het gisteravond om exact 22.22 uur. Maar als we onze wandeling inzetten, is zij er nog. En dat voel je.Is de maan eigenlijk een zij? Voor mijn gevoel wel. Of nou ja…misschien is ze wel allebei. Ja dat is het. Als ik dus zij schrijf of haar, mag je daar ook gerust een hij of hem lezen. Mooi zoals ze schijnt en je gewoon stil moet staan om haar in al haar pracht op je in te laten werken. Ik krijg de neiging een harde oerkreet te uiten. Doe het niet, want ben gewoon nog teveel in de bewoonde wereld. En ja…This is Liempde man! Al wandelend wordt het weer licht en zie ik twee tortelende duifjes achter elkaar aan zitten. Doet me denken aan MAANdagavond waar een spreker tijdens de Stand Up Inspiration in Amsterdam bevlogen sprak over midwinterfeesten waarbij maretakbessen als lustopwekker werden gebruikt. En we nu dus weten wat de druïde van Asterix en Obelix in zijn kruidendrank had… Midwinter. Is het nog lang niet. Toch voel je aan alles dat we er weer aan toe zijn. Of sterker nog, aan de lente. Ik zie al knopjes in de takken en de zon brengt tintelingen teweeg. Zal ik een pre-midwinterfeest organiseren? Waarbij ik een ‘toverdrank’ van maretakbessen schenk en dan iedereen zeg dat het zelfgemaakte punch is? Kijken of de bes echt als afrodisiacum werkzaam is? O, o, o wat een stoute gedachten. Die maan toch ook. Wat die allemaal los maakt. Mijn blije, ondeugende maangevoel wordt nog eens versterkt door de zon die opkomt en voluit schijnt. Licht. Dat is het. Maanlicht, zonlicht ik zou dus echt niet zonder kunnen. En vervolg stralend mijn dag in de hoop dat jij er ook van geniet.
woensdag 19 januari 2011
Aangelijnd los, in vrijheid gebonden
De wandeling, hoe sterk mijn voornemen ook is om het iedere dag te doen, soms neem ik de vrijheid het niet te doen. Vandaag niet. Ben weer in controll en ook dat voelt goed.Onze hond loopt meestal los. Behalve bij luchtballonnen of in tijden van vuurwerk. Vandaag was er, vrijwel aan het begin van onze wandeling een harde knal. Voordat mijn geschrokken vierpoter naar huis vlucht, lijn ik ze aan. Dan loopt ze, eerst nog met de staart tussen de poten maar al snel weer relaxed met me mee. ‘Het is een vertrouwensband, die riem’, bedacht ik me. Mijn hond loopt nu veel fijner naast me. Ze weet dat ik haar ‘in de hand’ heb. Zoals een vader zijn kind kan vasthouden of troosten. Zoals je weet dat er iemand op je wacht waar je alles mee kunt delen na een rotdag. Een gevoel van geborgenheid, kind zijn en jezelf even helemaal aan de ander over kunnen geven. Weten dat die voor je zorgt. Je nestelen in de armen van je geliefde of even stilletjes mogen huilen als dat nodig is. Een onzichtbare band van liefde. Waarmee je eigenlijk de hele wereld aankunt. Of we nou met of zonder riem lopen, het blijft een kwestie van vertrouwen in elkaar. De ene keer van de hond die mij vertrouwt als beschermer tegen gevaar. En de andere keer als ik mijn hond loslaat is het een kwestie van vertrouwen dat ze bij me blijft en me weet te vinden als het nodig is. Mooi dat het zo werkt. En grappig dat ik dat tijdens deze wandeling bedenk. Dat komt natuurlijk omdat ik gister met een vriend mijn lijfspreuk aanhaalde. Ik citeerde hiervoor de Griekse dichter Nikos Kazantzakis: “ I hope for nothing. I fear nothing. I am free. Mijn persoonlijke vertaling: “Ik verwacht niets, ik vrees niets, ik ben vrij en volg mijn hart”. Dat hartvolgen is een –voor mij- essentiele toevoeging. Een band kan ook beklemmend zijn. Zoals je ziet bij honden die, als ze te hard rennen, de halsband strakker om hun strot krijgen. Zo’n band is killing. Geeft letterlijk en figuurlijk verstikking. Vertrouwen is het keyword. Zonder vertrouwen is er angst en vluchtgedrag. Met vertrouwen krijg je de vrijheid. Ik vertrouw erop dat mijn hond weer los kan. En laat haar los. Ze snuffelt en kwispelt weer vrolijk en vrij door het gras. En ik geniet samen met haar van onze bewuste herwonnen vrijheid.
maandag 17 januari 2011
(Belgisch) toeval bestaat niet
In het weekend blog ik niet. En toch ga ik nu over het weekend bloggen…Over een wandeling in België en over iets dat niet bestaat.Sinds jaar en dag hebben wij vrienden in België. En daar zijn wij ferm op. Met enige regelmaat zien we elkaar. De ene keer in Nederland en de andere keer bij de Belgische mosselen. Onze gezinnetjes –en honden- zijn verweven en onze interesse in elkaar oprecht en warm. Onderweg naar België vertelde ik dat ik op het NNF altijd een Belgisch fotograaf tref die uit hetzelfde (kleine) plaatsje komt als waar wij naartoe togen. Zonhoven. De naam alleen al maakt blij. Al bij aankomst kwam de wandeling met de botten (laarzen) op het middagprogramma te staan. We hadden zoveel bij te praten en koffie en aperitiefje duren altijd langer dan gepland. Awel, het restaurant op de hoek van de straat was gereserveerd en amaai, daar mag je ook niet te laat komen. Zo rond half een schoven we aan in het volgeboekte restaurant. Heel zondags België schoof met ons mee aan. We verbaasden ons dat onze zuiderburen van het leven een veel beter feest weten te maken. Dat de kok als beste mosselkok al menigeen prijs had gewonnen, speelt natuurlijk ook mee, dat moet gezegd. Mijn verwondering was nog niet voorbij, toen ik de ene (NNF)plaatsgenoot met twee oude mensjes het restaurant binnen zag komen. Mijn mond valt open, dat zou wel heel toevallig zijn…en ik spreek uit wat ik zie. Mijn tafelgenoten vragen zich af waarom ik hem dan niet ga begroeten. En ja, natuurlijk. Maar hij loopt de zaak alweer uit. In mijn begroetingstocht zie ik hem met de oude mensjes in de auto stappen. Ik twijfel…moet ik zo ver achter hem aan? En dan besluit ik dat dat inderdaad moet. Alleen al omdat ik het zo bijzonder vind hem te treffen en ook omdat het een bijzonder fijn mens is. Even elkaar gedag kussen en het moment verzilveren. Helemaal voor niets is hij gelukkig het restaurant niet in gekomen, denk ik dan. Want ik heb hem gezien en mogen begroeten. En dat voelde fijn. En gezien de zwaaiende mensjes in de auto was dat wederzijds. Toeval? Nee, daar geloof ik gewoon niet in. Sommige zaken moeten zo zijn en weten de dag nog mooier te kleuren. De hele dag heeft de zon al was het lente geschenen. Ook al geen toeval. Laat mij maar denken dat het engelenregie is en het cadeautjes van het universum op mijn pad zijn. De universele voeding waar ik de rest van de week uit kan putten. Mooi geen toeval toch?
vrijdag 14 januari 2011
Metrobaby lijn drie
Ach, je snelt altijd even de koppen als er een krant ligt. Zo viel mijn oog op een kop in het Brabants Dagblad over een vader in paniek. En verloor ik de hondenriem tijdens de wandeling.Krantenberichten zijn uit op lezers. Dus moet een alledaagse gebeurtenis wel erg gepimpt worden wil het gelezen worden. Vandaar dat het Brabants Dagblad kopte: ‘Vader in paniek: tram weg zonder dochter’. Het is een stuk wat zowaar bijna een kwart pagina bestrijkt. Dus ga je lezen. En wat! De negatieve teneur van het artikel wordt nergens in bewaarheid, het is een grote aanval op de gedistingeerde mens en gaat uit van het slechte wat de maatschappij te bieden heeft. Ok, ok ik zal je uitleggen wat ik las. Een vader die een andere trampassagier behulpzaam was om haar wandelwagen in de tram te tillen, had zijn eigen kind in de kinderwagen nog buiten staan toen de tram (lijn drie) onverwacht snel vertrok. Hij was in paniek en een relaas van zijn tramacties en –reacties volgt. Als de tram bij de volgende halte stopt komt er al iemand met de kinderwagen de paniekvader tegemoet. Eind goed al goed. Dat is mijn conclusie. Hoewel de journalist, die duidelijk uit een ander hout is gesneden, daar anders over denkt. Stemmingmakerij. Hij laat de vader aan het woord over de miscommunicatie in de tram zonder wederhoor van de tramconducteur of –bestuurder. Daarbij wordt de negativiteit benadrukt door opmerkingen als dat de adequaatheid van de bestuurder en de conducteur ver te zoeken zou zijn. De opmerking van de vader: “Stel je voor wat er had kunnen gebeuren”, raakt me. Zo zonder vertrouwen ervan uitgaan dat er bij iedere tramhalte een mogelijke babyontvoerder staat. Waarom niet meer vertrouwen in onze medemens en waarom gelijk aan het slechtste denken? Waarom ook horen we de conducteur en de bestuurder niet en komen we niet te weten dat er helemaal niet eens twee kinderwagens tegelijk in een tram mogen? Vanwege de veiligheid van de overige passagiers. En waarom wist de vader dat niet en wilde hij de hele tram volproppen met kinderwagens? Ik blijf eraan denken terwijl ik mijn wandeling inzet. Het is lekker zacht buiten en als de zon zou schijnen, lente. Bijna halverwege ontdek ik dat ik de hondenriem, die altijd los over mijn schouders hangt, kwijt ben. Ik raak lichtelijk in paniek. “Snel terug voordat iemand hem meeneemt” is mijn eerste gedachte…
donderdag 13 januari 2011
Fitnessapparaat Lucca en een kaarsje
Ha. deze keer hebben ze me niet. Geschoeid met bergschoenen, getooid met een stormparaplu en gehuld in een dikke winterjas ben ik er klaar voor: de wandeling.Al bij de eerste bocht merk ik tegenstand: mijn hond heeft gepoept en wil niet verder. Tja, die heeft geen paraplu natuurlijk. Toch moet ze mee. Een uurtje wandelen is goed voor ons. Even verder staat mijn buurman met zijn fitnessapparaat Lucca. Lucca is een laag-bij-de-grondse hond die al jaren verliefd is op onze kwispeldame Jules. En ja, onze hond gedraagt zich tegenover de trouwkwispelende en standbeeldstilstaande Lucca altijd als een hautaine dame.En loopt Lucca zoals gewoonlijk nifterig negerend voorbij. Dan trekt Lucca mijn 83-jarige buurman bijna omver als ze achter mijn treiterende dame aan wil gaan. Een schouwspel dat me iedere keer doet schrikken. Buurman gooit dan zijn hele gewicht in de strijd om en de hond en zichzelf in balans te houden. Ik zie armspieren, beenspieren en ook rug- en buikspieren aanspannen. Die hond houdt hem letterlijk op de been. We beginnen zoals altijd over het weer en zitten al snel in Australië. Haaien, slangen en overstromingen. Zijn familie woont daar en weet er alles van. Maar die weten wel raad met giftige slangen want hebben een jachtgeweer paraat en schieten die krengen natuurlijk gelijk overhoop. O zo. Ja, natuurlijk, knik ik terwijl een fietser langs onze te breed lopende honden zigzagt. In weer een ander deel van de wereld heeft zijn neef nu te kampen met een hittegolf en moest hij stoppen met oogsten vanwege brandgevaar. Ja, de tarweprijzen zullen weer stijgen. Bij de spoorovergang wil buurman terug, het is lang genoeg en hij heeft een afspraak. Nee, ik loop door, fijne dag. Het is warmer dan gedacht en ik transpireer al voordat ik op de helft van mijn rondje ben. Kom nog een aandoenlijke drentse patrijspuppy tegen met vrouwtje en moet mijn hond redden uit de lijnen van de twee hondjes waarvan een met een dichtgenaaid oog. De baas is zoals altijd scherp en maakt er grapjes over. Dan nog even over het weer. En, heel opmerkelijk, wilde ik met de buurman nog aan de knoppen van de weersvoorspelling zitten, deze man zegt dat hij liever vorst heeft en daar eens een kaarsje voor op zal steken. Dat kaarsje maakt hem aandoenlijk. Ik zie het hem ook helemaal doen. Mooi. Licht. Terwijl het enorm triestig weer is.
woensdag 12 januari 2011
Van dood naar het licht wandelen
Verdoofd begin ik vandaag mijn ochtendwandeling. Gister is Peter plotseling van ons heen gegaan. Als man van een vriendin en vader van het beste vriendinnetje van onze dochter hadden we een verbinding met elkaar.Zwarter dan zwart begint de dag. Het donkert echt heel intens. En toch weet ik, dat als ik straks terugkom dat het licht is. ‘Waarom eigenlijk ook zo somberen over de dood?’ Vraag ik me al lopend af. De hond zwalkt wat en snuffelt teveel. Ik ben snel geïrriteerd. Nee, we hebben het niet voor het zeggen. En als het onverwachte gebeurt, zijn we uit het veld geslagen. Ik kijk naar de zwarte aarde die het gemaaide maïsveld typeert. Zie ik daar nu een soort van graancirkel in de vorm van een hart? Geeft het universum me zo te zien dat alles liefde is, zelfs zwarte aarde? Een mooie gedachte passend bij een beeld dat ik met teveel fantasie in mijn hoofd heb gecreëerd. Maar het geeft wel weer meer licht. En Peter is naar het licht. Ik rouw om Peter. Nee, ik rouw om de rouwenden. Om het verdriet, de pijn en het ongeloof. Heb mezelf trouwens altijd afgevraagd waarom rouw met ou geschreven wordt. Het is toch rauw? Rauw verdriet, rauwe emoties en rauw onbegrip? Rauw van auw dat doet pijn. Rauw van meedogenloos en hartverscheurend. Rauw van niet geciviliseerd maar ongepolijst. Rauw van….Tja alles wat er door je heen gaat misschien wel. Het is licht als ik thuiskom. Maar nog niet echt. Thuis deel ik mijn verdriet op Twitter. Direct daarna lees ik dat een lieve vriendin vannacht bevallen is van een wonderdochter: Umi. Zij brengt het licht. Nu al. Wow. Dat maakt de cirkel direct rond en ik voel me midden in die cirkel. Klein, nietig en dankbaar. Dankbaar dat ik Peter heb mogen kennen. Dat ik met hem heb gewerkt en een excentriek, heerlijk uitgesproken persoon van dichtbij heb mee mogen maken. Een man van uitersten. Die me bij blijft, in zijn kinderen, zijn vrouw maar ook in mijn hart. Dag Peter, het ga je goed!
dinsdag 11 januari 2011
Het regende, het waaide en het was er zooo koud
Je voelt het al als je een stap buiten zet: dit wordt een ‘zware’ wandeling. En ondanks mijn positieve gedachten, werkt alles tegen. Goedemorgen. Goedemorgen?Laat ik mijn laarsjes met hakken maar aanhouden, die lopen toch ook best? En nee, niet die winterjack maar mijn stoffen jas. Want dat staat beter. Tja, als ik de poort uitloop en over het glibberige paadje bij de buren stap, weet ik al dat de schoenkeuze fout is. Even verder, op het open veld wordt ook mijn foute jaskeuze bevestigd. Fijn, die snijdende wind, maakt je wakker. Een mooie roze ochtendsluier kleurt de lucht. Het is later dan normaal, zeker een kwartier. Dus al een stuk lichter. ‘Het wordt lente’ probeert mijn geest me nog warm te krijgen. Maar als er druppels op mijn niet gemutste hoofd vallen, is de lente verdwenen. Ontkennen van wat druppeltjes regen lukt meestal wel en met zulke wind waait het vaak over. Nu natuurlijk niet. Het gaat net niet hard genoeg regenen om om te draaien. Ik loop door. Bedenk dat ik afgelopen zomer hier in de stromende plenzende regen in mijn jurkje rende. Wilde schuilen onder een grote boom en vast kwam te zitten aan de bramenstruiken. Haha. Helemaal doorweekt en ready for a wetdresswedstrijd kwam ik thuis. Maar het was niet koud. Nu wel. Mijn passen zijn fel, kort en stevig. Ik loop harder dan normaal alsof het dan minder hard regent. Zelfs de hond loopt door en hoef ik niet te roepen. Mijn voeten zijn voelbaar in de laarsjes en mijn tenen worden koud. Het wordt glad. Spiegel spekglad. Pas op de terugweg moet ik echt opletten niet uit te glijden. En als ik dan de man met de twee hondjes waarvan een met een dichtgenaaid oog tegenkom, weet ik dat deze wandeling een beproeving is. Op zijn woorden: “Je had zeker niet op de regen gerekend hè?” kan ik niet anders dan terugblaffen: “nee en ook niet op de gladheid.” En bedankt. Het prachtige tafereel van de koperen bal die tussen de twee knotwilgen opkomt laat me even vergeten dat het een barre tocht is, mijn tenen bevroren zijn en ik kletsnat geregend ben. Maar niet lang, want dan, bijna thuis, moet ik aan de kant voor het oranje zwaailicht en de strooiwagen. Fijn, heel fijn. Nu ben ik thuis.
maandag 10 januari 2011
Babytransfer op fietspad
De kerstvakantie is voorbij. Heerlijk! Terug in mijn ritme. Wandelen met de hond door de donkere vorstochtend. En wat ik meemaak…is genoeg om de hele dag op te kunnen teren. Wandel je mee?Het is niet glad, maar alles ziet wit. Mijn bewustzijn wordt gewekt door het gegak van een stel ganzen dat over me heen vliegt. Toch leuk dat ze gakken, anders had ik ze niet opgemerkt en zeg nou zelf, het is prachtig om zo’n stel formatieganzen over je heen te zien gaan. Mijn zintuigen zijn scherper en terwijl ik omkijk, zie ik dat er een man achter me loopt. Op enige afstand. Het is nog steeds behoorlijk donker en hij draagt zo’n oranje wegwerkershesje. Hij mankt wat. Is het die man die ik ken en die tot de zogeheten zwakbegaafden behoort en niets anders doet dan zijn hele leven lang lopen? Of is het iemand anders? Bang ben ik niet en toch pak ik de hondenriem slagvaardig vast. Mijn hond merkt niets, die snuffelt en plast vrolijk door. Ik twijfel: moet ik mijn pas versnellen of juist niet? Dan pas ik de tactiek die ik onlangs bij een andere dame opmerkte toe. Ik sla een open zandweg langs de rivier in en stel me omgedraaid wachtend op. ‘Liever frontaal dan van achteren’ is de gedachte. Op enige afstand loopt de man. Hij loopt door en ik hoor een verdwaasde groet. Voel me wat beschaamd, dat ik de dag zo zonder vertrouwen ben begonnen. Dan vervolg ik mijn route en passeer een oudere dame met een snauwende snautzer. Ik groet en loop door. Pas op de terugweg kom ik de dame met de snauwende snautzer weer tegen. Nu duwt ze een buggy voor zich uit met een dik ingepakt bemutst en besjaald kind. Ze heeft dus in the middel of nowhere een kind gescoord. Haha. Gelukkig weet ik hoe het zit. Heb de transfer al vaker mogen aanschouwen. Op mijn wandelpad rijdt dan een auto met man in pak en baby. Ze stoppen bij het paaltje en voor het viaduct. Er mag geen tijd verloren gaan, daarom deze spannende A2 locatie. Alsof het een georganiseerde misdaad is verschijnt precies op tijd de vrouw met de snauwende snautzer. Binnen twee minuten is het gepiept en heeft de babytransfer plaatsgevonden. Oma, zoon en kleinkind in alle vroegte door weer en wind. Want er moet worden gewerkt.
Abonneren op:
Posts (Atom)